Belcampo

de Schoonveld familiesite


contact

 

Overdenking door ds H.N de Mooij bij de begrafenis van Johannes Schoonveld op dinsdag 25 april 2000 in de Hoeksteen te Zwolle.

Het is onbegrijpelijk snel gegaan, binnen twee maanden.Op de rouwkaart staat: Na een moedig gedragen lijden. Daarmee is geen woord teveel gezegd: nooit een woord van beklag of opstandigheid. Hij had nog graag willen leven, want hij genoot van het leven. En ook: wie moest er dan voor Fokje zorgen?Jouw zorgzame man, Fokje. Jullie waren ruim 51 jaar getrouwd. In de sobere en moeilijke jaren vlak na de oorlog, in een tijd van woningnood, hebben jullie elkaar het ja-woord gegeven: voor goede en kwade dagen, in rijkdom en armoede, in gezondheid en ziekte tot de dood jullie zou scheiden. Die scheiding is er nu, doet pijn, veel pijn. Er waren zoals in elk huwelijk hoogte- en dieptepunten. Hoogtepunten: Uiteraard de geboorte van jullie zes zonen. En ook het 50jarig huwelijksfeest met z’n allen. En het eerste kleinkind dat trouwde.Dieptepunten: o.a. dat het gezin verstrooid werd bij jullie terugkeer naar Nederland, En het verlies van twee kleinkinderen, de laatste nauwelijks een maand geleden.Jo en Fokje, ze deelden alles met elkaar, liefde en leed en het was dan ook heel verdrietig dat dat de laatste tijd minder mogelijk was door het afnemend geheugen van Fokje.77 jaar liggen er tussen zijn geboorte en sterven. Dat is niet ieder gegeven. Jo’s vader werd weduwnaar met drie kleine kinderen. Jo was de oudste van de elf kinderen die uit het tweede huwelijk geboren werden.Na een kort en moedig gedragen lijden. Dat was niet louter lichamelijk lijden. Het was ook de pijn van het loslaten, het afscheid nemen. En ook geestelijke strijd. Ik kom daar nog op terug Door Piet is zojuist namens de kinderen op liefdevolle, indrukwekkende wijze vertolkt wat de woorden "onze betrokken en humorvolle vader en opa " voor hen inhouden. Een van de kernwoorden was daarin: kritiekloze acceptatie. Kritiekloos schijnt nou net niet een van de woorden te zijn die bij Jo Schoonveld pasten. Hij had een scherp verstand, kon raak uit de hoek komen. Kritisch op en in taalgebruik, kritisch naar collega’s.Maar er was ook kritiek die gedragen werd door wijsheid, relativering, ironie en mildheid, respect voor anderen. Kritiekloze acceptatie is hier dan ook hetzelfde als onvoorwaardelijke acceptatie. Onvoorwaardelijk: Je houd van ze je aanvaard ze zoals ze zijn. Ook al ben je het lang niet altijd met hen eens ook al gaan ze wegen die je zelf niet zou willen gaan.Onvoorwaardelijke acceptatie: Je houdt van ze, je sluit hen op in je hart, je kinderen, eigen en aangetrouwd, je kleinkinderen.En dat was voor Pa niet allereerst een kwestie van woorden maar van daden.Zo was zijn uitstraling.Gevoelens uiten, persoonlijke, diepste gevoelens, dat ging Jo niet gemakkelijk af. Over zijn innerlijk leven lied hij niet veel los. Zijn vrouw en kinderen vermelden daarvan: In vertrouwen op de Heer. Dat is waar, dat is troostend, dat reikt zelfs over de dood heen. Het is een van de diepste drijfveren in zijn leven geweest. Zijn geloof heeft hem gevormd, kracht en troost gegeven, over teleurstellingen heen geholpen, in staat gesteld te vergeven.En zo komen wij bij de tekst op de rouwkaart; die woorden uit het bekende hoofdstuk over de liefde. Woorden die veel gelezen worden bij huwelijksbevestigingen, niet of nauwelijks bij een begrafenis. Het is de keus die Jo zelf gemaakt heeft.Een week voor zijn dood heb ik een gesprek met hem gehad en de bedoeling was dit later voort te zetten. Jammer genoeg kwam het daar niet van.En toch heb ik over wat hij losliet over zichzelf, zijn gevoelens en gedachten, een indruk gekregen over wat hij bedoelde met die intrigerende woorden:

want nu zien wij nog door een spiegel, in raadselen, doch straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ook ik ten volle kennen zoals ik zelf gekend ben."Wij begrijpen niets van deze woorden als we denken aan de spiegels die we nu kennen: glas met een zilverlaagje dat je precies laat zien hoe je eruit ziet. In de oudheid daarentegen was de spiegel een metalen geval en het beeld wat je daarin zag was vaag, schemerig, onduidelijk, vervormend. Een beetje als een lachspiegel.Onze kennis van God, ons geloof in Hem, bedoelt Paulus te zeggen, is nu nog vaag, gebrekkig, misvormd; ons zicht op Hem niet helder, we tasten rond in het duister, veel is een raadsel.Daar had Jo de laatste tijd zijn vragen over: hoe zal het zijn na mijn dood, wat moet ik mij daarbij voorstellen, is daar herkenning? En hij besefte: dat raadsel is nu niet op te lossen. Het is ook niet belangrijk. Een ding is zeker: We zullen er van opkijken.Ik had het daar straks even over zijn lichamelijk lijden: Dat was vooral de lichamelijke benauwdheid in de nachtelijke uren. Maar er was meer benauwdheid. Hoe komt het met mij, kan ik God ontmoeten? Want je kunt jezelf en anderen niet voor de gek houden; in het aangezicht van de dood lukt je dat niet meer.Jo was zich ook diep bewust van zijn tekortkomingen. Misschien mag ik zelfs een stap verder gaan: Jo Schoonveld was door en door gereformeerd, niet bekrompen, maar voluit gereformeerd. Geboren, opgevoed in een tijd en nu zeg ik het wat generaliserend, dat wij als gelovigen weing vragen hadden en veel antwoorden. Vanuit de bijbel wisten we voor alles wel lijnen uit te zetten en principes te vormen voor kerk, staat en maatschappij. De geloofsleer leek meer op de spiegel van onze tijd dan op die uit Paulus tijd.Tegenwoordig slaat men vaak door naar het andere uiterste, is het juist andersom: veel vragen en weinig antwoorden. Vragen: hoe kan dit, hoe kan God dit doen, dit toelaten? Is er wel een God? Is het allemaal geen verbeelding? We zien door een spiegel in raadselen. Maar soms zien we niets meer, alleen die raadselen. En zeg nu zelf: Het is ook dwaasheid wat de bijbel zegt over een God die alles in handen houdt. God die in een baby tot ons komt, een kruis dat onze redding zou zijn, een mens die de dood overwint!Die dingen strijden met onze ratio, ons gezonde verstand: Al die dingen die juist de afgelopen week in de kerk centraal stonden: kruis en opstanding, Goede Vrijdag en Pasen.Maar dat is niet iets pas van onze tijd. Men zei het al in Paulus dagen: Dat evangelie: een ergernis, een dwaasheid.En als je vlak voor het einde van je leven staat kunnen deze raadsels, deze vragen een mens aanvliegen en benauwen tot verstikkens toe. Dat ondervond Jezus in Getsemane.

we zien nu door een spiegel in raadselenDat is niet het laatste, het is maar een begin, de zin gaat door: "doch straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben."We hebben veel vragen. als het erop aankomt is er maar een antwoord dat ons daarbovenuit tilt en verder brengt, het verstand voorbij: We mogen ons aan die God toevertrouwen, die in laatste instantie liefde is. Ik ben gekend, dwz. God kent mij, God wil van mij weten. God accepteert mij zoals ik ben, zoals ik geleefd heb, met al mijn gebreken en tekortkomingen. God houdt van mij.In die richting heeft Jo Schoonveld, denk ik, gedacht; daarin zijn troost, houvast en zekerheid gevonden. Zijn kinderen zeiden: Pa heeft ons onvoorwaardelijk geaccepteerd.En dat was een afspiegeling van Gods onvoorwaardelijke acceptatie van hemzelf in Jezus Christus. Dat was Jo’s vangnet.In de laatste nachten van benauwdheid was het hem voldoende dat de hand van Fokje of een van de kinderen hem vasthield.De laatste regels van psalm 139 luiden:O God houd mij geheel omgeven en leid mij op de weg ten leven.Wij geloven dat Gods handen er ook waren in Jo’s leven, niet alleen die laatste nachten, maar in heel zijn leven.Gods handen die hem droegen, Gods handen die hem opvingen, handen die hem thuis brachten.

Thuis!

Einde raadselen.Amen

laatste wijziging: 27.06.2004